 |
Aardappel. We telen op kleine schaal vroege aardappelen, de juniors. Steek de riek
in de grond naast de aardappelen en wip ‘m omhoog. Graaf daarna nog even
met je handen om alle aardappelen mee te nemen. Daarnaast halen we een
aantal keren per jaar aardappelen bij een biologische aardappelboer. Je
kunt ze, voor een gereduceerd tarief, bij mij bestellen.
|
| |
|
 |
Aardbei.
Plukken
met steeltje. (steeltje er pas afhalen na het wassen om de smaak te
behouden). Let in het begin van de oogst er goed op dat de aardbei rood
is. De onderkant is vaak nog groen als de bovenkant al rood is. Daar ze
niet bespoten zijn hoeven ze misschien niet eens te worden gewassen!
|
| |
|
| |
Aardpeer.
Onder de hoge steel groeien in de grond de aardpeerknolletjes. Graaf ze op
met een riek.
|
| |
|
| |
Andijvie.
Trek
de andijvie met wortel en al uit de grond, dan blijft ze langer vers dan
dat je ze afsnijdt.
|
| |
|
|
Asperge.
Als hij ongeveer 20 cm lang is wordt hij bij de grond afgesneden, niet
halverwege want deze steel groeit niet meer door. Snij de asperge vóór
de kop los wordt.
|
| |
|
 |
Bloemen.
Op verschillende plaatsen in de tuin staan bloemen. Ook groenbemesters,
zoals phacelia, zijn vaak prachtig in de vaas. Pluk gerust een bos, maar
laat altijd wat staan.
|
|
|
|
Bloemkool.
Eten we al vroeg, vanaf april. De steel onder de kool
afsnijden,maar wat blad er aan laten zitten zodat de kool niet in het
licht komt. Hij blijft dan mooier wit.
|
|
|
|
Boerenkool.
De steel onder het mooie blad afsnijden. De bladeren pas vlak voor het
bereiden van de maaltijd of het invriezen van de nerf afritsen. We mogen
de boerenkool oogsten als ‘de vorst erover is geweest’. Dit gezegde
ontlokt bij veel mensen een glimlach, toch is het waar:de boerenkool is
dan lekker zoet.
|
|
|
|
Bosbiet.
Eigenlijk gewoon een rode biet, maar we oogsten ze kleiner en vroeger. Ze
zijn zo mals dat je ze rauw kunt eten! Zie verder rode biet.
|
|
|
|
Bospeen.
Pak de riek van onder het afdak en zet deze net naast de peentjes in de
grond en wip hem omhoog. Je kunt de peentjes nu zo uit de grond trekken.
Peen bewaar je het best als je aarde eraan laat zitten, maar als je ze
thuis meteen klaar maakt, kun je beter de aarde er meteen afwassen.
|
|
|
|
Bosui.
Een gewone gele ui, die we vroeg oogsten en met stengel en al klaarmaken.
|
|
|
 |
Broccoli. Als
de bloemetjes al zichtbaar zijn maar nog niet een losse bos vormen kan ze
bij de steel gesneden worden.
Het binnenste van de steel onder
de huid is rauw ook lekker, niet weggooien! In Italië worden ook de
bladeren gegeten, heel fijn gesneden en dan bakken (voor de liefhebbers
hoor!).
|
|
|
 |
Capucijners.
Capucijners trek je met één hand van de plant, met de andere hand hou je
de plant vast. Capucijners moeten in tegenstelling tot peultjes juist wel
dik zijn. Dit is wat mij betreft echt een ‘vergeten groente’. Soms
denk ik dat mensen op capucijners en bruine bonen neer kijken, maar dit
vind ik echt een delicatesse. Wel doppen voor het koken. Later als ze
gedroogd aan de plant hangen kun je ze doppen en in een pot bewaren om ze
later te eten, maar vers zijn ze het lekkerst.
|
|
|
|
Courgette.
Deze oogst ik iedere dag voor jullie en leg ze in een kist onder het
afdak. De meeste mensen hebben een voorliefde voor kleine courgettes, maar
van de grotere exemplaren kun je heerlijke soep koken, wel even de pitjes
verwijderen.
|
|
|
 |
Doperwt.
Zie capucijners.
|
|
|
|
Groene
selderij.
De groene variant van bleekselderij, maar sterker van smaak. Je kunt ze
als soepgroente, als ingrediënt voor pastasaus gebruiken of blancheren
met een gekookt azijnsausje. Snij de stelen net boven de grond af.
|
|
|
 |
Groenlof.
Groenlof lijkt qua smaak op andijvie. Trek ze met wortel en al uit de
grond.
|
|
|
|
Hazelnoot.
Als de hazelnoten rijp zijn vallen ze vanzelf op de grond en kun je ze
oprapen.
|
|
|
 |
Kleinfruit.
- Rode bes. Voorzichtig de kwetsbare besjes plukken.
- Witte bes. Zie rode bes.
- Kruisbes. Zie rode bes.
- Zwarte bes.
Zie rode bes.
- Japanse wijnbes. Zie rode bes.
- Framboos. De zomerframboos wordt rood, maar de herfstframboos oranje als je
ze kunt oogsten. Voorzichtig plukken.
- Braam. Bramen moeten zwart zijn eer je ze plukt.
|
|
|
|
Knoflook. Zie ui.
|
|
|
 |
Knolselderij. Pak de riek en steek de knol uit de grond. Snij de blaadjes er niet af,
ze zijn ook lekker in de soep!
|
|
|
 |
Knolvenkel. Oogsten als ‘de knol’ een buikje heeft. Snij net onder de grond het
worteltje door. Zonde om het loof er af te snijden, dit is als kruiderij
goed te gebruiken.
|
|
|
 |
Komkommer. Ik pluk de komkommers en leg ze in een kistje in de kas klaar. Neem af en
toe een komkommer en laat wat over voor een ander.
|
|
|
 |
Koolrabi. Kies de grootste eruit en trek ze uit de grond. De bladeren kun je ook
gebruiken (zie broccoli).
|
|
|
 |
Kruiden.
·
Basilicum.
Staat in de kas. Als van ieder plantje een takje wordt afgesneden, net
boven een blad, kan de plant doorgroeien.
·
Bieslook.
Neem
een klein bosje stelen in de hand en snij 2cm boven de grond af. De plant
groeit dan weer door.
·
Bonenkruid.
Steeltjes afsnijden.
·
Citroenmelisse.
Lekker theekruid. Steeltjes afsnijden.
·
Hysop.
Oud kruid. De blaadjes voor in de thee (luchtwegen) of in een saus, of
marineren in olijfolie op een geroosterd broodje. Afsnijden. Mooi bloempje
voor in de vaas.
·
Lavendel. Lekker in de thee. Steeltjes afsnijden.
·
Maggiplant.
Snij een steeltje net boven de grond af en pluk thuis de blaadjes.
·
Oregano. Steeltjes afsnijden.
·
Pepermunt.
We hebben de gewone en de wollige variant. Lekker in de thee of op een
toetje. Afsnijden.
·
Peterselie.
We hebben de ‘mooie’ gekrulde en de ‘smaakvollere’ gladde variant.
Net boven de grond afsnijden.
·
Rozemarijn.
Snij of knip een steeltje.
·
Salie.
Lekkere theeplant. Steeltje afsnijden.
·
Snijselder.
Net boven de grond afsnijden.
·
Tijm.
De
hele steeltjes met blad en al kunnen afgesneden worden.(Lekker voor bij de
bieten).
·
Venkel.
We gebruiken het loof (afsnijden) voor door het eten en later in het jaar
de zaadjes voor de thee.
|
|
|
|
Nieuw-Zeelandse
Spinazie. Fantastische zomerspinazie. Het worden hele grote planten. De blaadjes
zijn veel steviger dan bij gewone spinazie en houden ook hun vorm na het
koken. Snij de steeltjes af en pluk de blaadjes thuis vlak voor het koken.
|
|
|
|
Peultjes.
Peultjes plukken als capucijners. Peultjes zijn het lekkerst als ze nog
niet dik zijn. Dat kan je voelen: de zaden in de peul zijn nog plat.
|
|
|
 |
Pompoen.
Er zijn veel verschillende soorten, wij hebben de traditionele oranje
pompoen. Ze zijn te oogsten als ze echt oranje zijn. Snij met een mesje
het steeltje (zo lang mogelijk) door. Je kunt ze goed bewaren (met een
beetje geluk tot in april) bij minimaal 10 graden, dus gewoon in huis.
|
|
|
 |
Prei.
Pak een schep of een riek van onder het afdakje en zet die vlak naast jouw
prei in de grond. Wip de riek even op en de prei komt omhoog en je kan ze
er zo uit trekken. Als je ze op de tuin wilt schoonmaken, dan graag ‘het
afval’ in de kist bij de pomp doen.
|
|
|
 |
Paksoi.
Snij
direct onder het blad af. Voorzichtig want de stelen zijn erg bros. Het
eerste deel van het blad bij de nerf is ook te gebruiken.
|
|
|
|
Pastinaak.
Oogsten en bewaren als winterpeen.
|
|
|
|
Raapstelen.
Neem
een bosje in de ene hand en snij met de andere (niet in de vingers
snijden!) zo’n 3cm boven de grond af. De plant kan dan doorgroeien.
|
|
|
 |
Rabarber.
Snij de grote stelen. Rabarber staat op 3 plaatsen in de tuin: in de
boomgaard, bij de asperges en achter de kruidentuin bij de bijen.
|
|
|
|
Ramenas.
Het
grote broertje van de radijs. Zwarte schil, die je moet raspen. Pittig van
smaak, lekker geraspt in een dressing. Je kunt ze zo uit de grond trekken.
|
|
|
 |
Rode
biet.
De rode biet kun je zo uit de grond trekken. Er staan grote en kleine door
elkaar heen, dus let er even op dat je de grootste pakt. In de winter goed
te bewaren, zie winterpeen.
|
|
|
 |
Rode
snijbiet. Snij
de stelen net boven de grond af. We eten vooral de stelen, rauw of
geroerbakt.
|
|
|
 |
Rode
kool. Snij
de steel onder de kool door en verwijder het losse blad.
|
|
|
|
Roodlof.
Heeft een wat bittere smaak. Trek het plantje in zijn geheel uit de grond.
We oogsten de roodlof in het najaar en in het vroege voorjaar (dan is het
de rode variant op witlof).
|
|
|
|
Rucola.
Pak een bosje rucola in de hand en snij net boven de grond af, dan groeit
ze weer door.
|
|
|
|
Schorseneren. Voor oogsten zie bospeen. Voor het koken rasp je het zwarte schilletje
eraf. Qua smaak worden ze met asperges vergeleken.
|
|
|
 |
Sjalotten. Zie ui.
|
|
|
 |
Sla:
·
Kropsla.
Deze
kun je vlak boven de grond afsnijden. Door de snede met wat water deppen
om de melk weg te wassen wordt hij minder bitter. Als je het struikje met
wortel en al plukt en de aarde uit de wortels wast blijft hij langer goed
in de koelkast. Je kunt hem ook in een kopje water zetten op het aanrecht.
·
Eikenbladsla. Zie kropsla.
·
Bataviasla.
Prachtige stevige sla. Oogsten als alle andere sla.
·
Lollo
bionda en lollo rossa sla. Kan
op dezelfde manier als boven. Ook kunnen alleen de blaadjes worden geplukt
zodat de plant kan doorgroeien.
·
Pluksla.
Hier
worden alleen de blaadjes geplukt. Deze sla wordt vanwege haar milde smaak
vaak erg door kinderen gewaardeerd.
|
 |
|
|
 |
Snijbonen.
Plukken als spercieboon. Ze mogen niet te dik zijn, de zaden moeten nog
plat in de huls liggen. Let bij het klaarmaken er op dat je de ‘haar’
aan de zijkant van de boon er met een mesje aftrekt.
|
|
|
 |
Spekboon. De spekboon is een groot model spercieboon. Hij kan behoorlijk groot en
dik worden en blijft toch lekker mals. Dus pluk de grootste, maar voordat
ze geel worden.
|
|
|
 |
Spercieboon. Je trekt ze met één hand van de plant, met de ander hou je de plant
vast zodat je niet de hele plant uit de grond rukt. Als we een tijdje van
een bed oogsten en de bonen dreigen te dik te worden geef ik een seintje
en kunnen we het bed leeg oogsten. Je kunt ze prima invriezen (ongekookt).
Als je ze uit de vriezer haalt: niet koken, maar bakken!
|
|
|
|
Spitskool. Eten we vanaf mei. De spitskool is klaar als de kool hard aanvoelt. Net
boven de grond afsnijden en het overtollige blad verwijderen.
|
|
|
|
Spinazie.
Per plantje in de hand nemen en vlak boven de grond afsnijden. Als ze iets
is doorgeschoten wat hoger pakken zodat de dikke stelen blijven staan. Ook
is het aan te bevelen om eventuele knoppen of bloemen eerst uit het
plantje te knijpen voor het snijden. Dat komt de smaak ten goede.
|
|
|
 |
Spruitjes. Zo klein als het spruitje is, zo groot is de plant waaraan ze groeit. De
spruitjes groeien aan de steel en als ze op grootte zijn, ongeveer 2 ½ cm
doorsnede, kun je ze makkelijk van de steel af trekken. Als het niet
makkelijk gaat zijn ze nog niet oogstrijp.
|
|
|
|
Suikererwten. Ook wel Sugarsnaps genoemd. Plukken als capucijners. Een soort kruising
tussen erwten en peultjes. Je mag ze oogsten als ze al wat dikker zijn,
maar hoeft ze niet als erwten te doppen. Je kunt ze als peultjes
klaarmaken: in zijn geheel in de pan. Kort koken hoor!
|
|
|
 |
Suikermais.
Suikermais kan geoogst worden als de haren aan de kolf bruin zijn, de
korrels zijn dan geel geworden. De kolf in de hand nemen, naar de grond
buigen en van de stam breken. Soms moet er ook even aan gedraaid worden.
De schudbladen om de kolf laten zitten om zo lang mogelijk vers te houden.
|
|
|
|
Tarbes-bonen.
Dit is een droge boon uit Frankrijk. We laten ze drogen in de huls aan de
plant en doppen daarna de boontjes. Je kunt ze goed bewaren. Voor het
klaarmaken even wellen in water.
|
|
|
 |
Tomaat. We hebben de gewone ronde en de kleine cherrytomaat. Ik pluk ze voor
jullie en leg ze in een kistje in de kas klaar. We hebben een kleine kas
en daardoor geen overvloed aan tomaten. Hou daarom rekening met elkaar en
neem niet teveel en ga zeker niet zelf plukken, anders komen anderen
steeds voor niks.
|
|
|
 |
Tuinboon. De peulen van de tuinboon moeten ongeveer 1 ½ cm doorsnede hebben als je
ze oogst. Omdat je de peulen zelf niet ziet (ze liggen in de lange groene
huls), moet je met je vingers voelen of ze de goede grootte hebben.
|
|
|
|
Tuinkers.
Net boven de grond afsnijden.
|
|
|
 |
Ui.
We hebben de rode en gele ui. Als het loof grotendeels is afgestorven
oogst ik de uien en leg ze te drogen op het land. Je kunt ze dan oprapen.
Neem meteen een voorraad mee, want als ze weer nat worden komt dat de
bewaarbaarheid niet ten goede. Bewaren: één laag uien op een gaasbodem
waar de wind door heen kan, of rijgen in een sliert. Vorstvrij en droog
bewaren kun je er de winter mee door.
|
|
|
 |
Winterpeen. Oogsten als bospeen. Thuis bewaren in een kuil of in een kist met wat
grond, zodat ze niet uitdrogen.
|
|
|
|
Witte
kool. Het
zelfde als rode kool.
|
|
|
|
In het voorjaar van 2007 zijn verspreid door de tuin fruitbomen aangeplant, hiervan zullen
we de komende jaren de volgende vruchten plukken: hand- en stoofappel, hand- en stoofpeer, pruimen, walnoot en hazelnoot.
|